Alle prijzen zijn inclusief BTW

Home  >>
Leg instructies

Instucties voor het plaatsen van laminaatvloeren met Unilin Clicksysteem. 
Lees deze instructies goed voordat u begint te leggen.

Algemeen
Een laminaatvloer met het gepatenteerde Unilin click systeem of S-profiel kan eenvoudig en snel zonder lijm gelegd worden. De panelen worden het beste gelegd  door de tand in de groef te klikken/draaien. Deze methode wordt  hier beschreven. Het is echter ook mogelijk de groef “om” de tand te klikken. Het paneel wat gelegd moet worden, wordt in een hoek van ca. 30° tegen het reeds gelegde paneel aangelegd. Het paneel met weinig druk heen en weer bewegen totdat de panelen vanzelf in elkaar klikken.
In sommige gevallen kunnen de panelen niet in elkaar geklikt worden. Bijvoorbeeld de korte zijde van een paneel wat al aan de lange zijde aan een ander paneel geklikt is of onder een deurkozijn. In deze gevallen kunnen de panelen liggend in elkaar gestoten worden met behulp van een slagblokje.

Voordat u begint
1.  Controleert u vóór en tijdens het leggen de panelen zorgvuldig op zichtbare fouten. Panelen met zichtbare fouten mogen niet verwerkt worden en vallen in verwerkte staat buiten de garantie.
2.  Lees de leginstructies zorgvuldig.
3.  Neem contact op met laminaat.nl als er onduidelijkheden zijn over het leggen en/of onderhoud van de vloer.
4.  Laat aan alle randen van de vloer een dilatatievoeg van minimaal 8-10 mm open.
5.  Laat tussen verschillende kamers een dilatatievoeg van 20 mm open.
6.  Maak de vloer nooit  schoon met een kletsnatte mop of dweil. Laat nooit  water staan op de vloer.
7.  Plaats matten bij alle ingangen.

Let op! Hout is een natuurproduct dat “werkt”. Het is belangrijk dat de panelen onder invloed van veranderingen in de luchtvochtigheid naar alle kanten uit kunnen zetten en krimpen. Daarom moet er een ruimte van 8 tot 10 mm aan alle randen van de vloer worden vrijgelaten. Denk hier ook aan bij verwarmingsbuizen, deurkozijnen etc.. In ruimtes groter dan 80m² en overgangen van kamer naar kamer moeten dilatatievoegen van 20 mm aangebracht worden. Dilatatievoegen kunnen afgedekt worden met plinten, overgangsprofielen, rozetten (rond buizen) of elastische voegmiddel.

Gereedschappen
Hamer (500-1000g), verstekzaag, hand- of elektrische zaag met fijne tanden, duimstok en een legsetje (afstandswiggen en slagblokje).

Acclimatiseren en opslag
Laat de ongeopende pakken tenminste 48 uur acclimatiseren in de ruimte waarin ze verwerkt zullen worden. Leg de pakken plat neer en niet tegen de muur of in een hoek. Bescherm de pakken gedurende opslag voor extreme veranderingen in temperatuur en luchtvochtigheid.

Legtemperatuur
De ideale temperatuur voor het leggen is ca. 15-20 °C.

Schoon en droog
De ondergrond moet egaal, droog en vrij van stof en vuil zijn.

Egaliseren van de ondervloer
Oneffenheden met een hoogteverschil van meer dan 3mm moeten worden geëgaliseerd. Losse delen van de ondervloer moeten worden vastgeschroefd. Verwijder oude vloerbedekking, kurkentegels, parket ed..

Legrichting
De vloer bij voorkeur in de lengterichting van de kamer of parallel aan de lichtinval leggen.

Nieuwe betonnen vloeren
De aanbevolen droogtijd is ongeveer een maand voor iedere 25mm materiaal (1mm materiaal diepte per dag).

Vochtgehalte en luchtvochtigheid
Het vochtgehalte van een betonnen ondergrond mag niet meer dan 2,5% bedragen. Het vochtgehalte van een houten ondervloer mag maximaal 14% zijn. De relatieve luchtvochtigheid mag niet meer dan 75% zijn.

Vochtisolatie
Op een betonnen ondergrond moet een vochtisolerende laag aangebracht worden. De stroken van het folie moeten minstens 20 cm overlappen en aan elkaar geplakt worden met fixeerband. Aan de wanden het folie minimaal 2,5 cm omhoog laten staan.

Ondervloer
Het wordt aanbevolen een ondervloer zoals schuimfolie of geluidsdempende platen aan te brengen voor geluidsdemping en het egaliseren van kleine oneffenheden.

Decors
De decors van deze laminaatvloeren dienen in wild verband gelegd te worden.


Het leggen van de vloer
Het leggen van de eerste 3 rijen
Als de muur ongelijk is dan moeten de panelen in de eerste rij hiervoor aangepast worden. De eerste rij moet absoluut parallel aan de wand liggen. Controleer dit met een touwtje. De 8-10 mm dilatatievoeg is noodzakelijk op alle punten langs de wand. Kort de panelen in met een handzaag met het decor naar boven. Met een elektrische zaag met het decor naar beneden zagen.
Nadat het laatste paneel van een rij ingekort is, kan het overgebleven deel als het eerste paneel van de nieuwe rij gebruikt worden. De ene rij moet minimaal 30 cm verspringen met de volgende rij.

Het leggen van de laatste rij
Ook tussen de laatste rij panelen en de wand moet een ruimte van 8-10 mm opengelaten worden. Dit kan betekenen dat u het paneel in de lengterichting moet inkorten. De panelen met behulp van een spanijzer en een hamer in elkaar stoten. De korte zijden worden met behulp van een slagblokje in elkaar gestoten.

Verwarmingsbuizen
Zaag het paneel op de gewenste lengte. Vergeet niet de 8-10mm dilatatieruimte. Plaats het paneel naast de rij waar de buizen zijn en markeer de positie van de buizen op het paneel. Boor gaten op de gemarkeerde plaatsen. De diameter van het gat moet 20 mm groter zijn (dilatatieruimte) dan de diameter van de buis.
Als de buizen aan de kopse kant van het paneel zijn, zaag dan recht door de gaten. Breng lijm aan op het afgezaagde gedeelte van het paneel, plaats het achter de buizen en sluit de naad met een spanijzer. Als de buizen aan de lange zijde van het paneel zijn, zaag dan schuin in een hoek van 45°C.

Deurkozijnen
Als het deurkozijn ingekort moet worden, leg dan een paneel met het decor aan de onderkant tegen het kozijn aan. Zaag het onderste gedeelte van het kozijn af met aan handzaag zodat het paneel onder het kozijn geduwd kan worden. Denk er altijd aan 10mm dilatatieruimte open te laten.

De afwerking
Na het leggen kan de vloer onmiddellijk belast worden. Verwijder alle afstandswiggen en plaats het lijstwerk tegen de muur. De plinten niet op de vloer bevestigen maar aan de wand zodat de vloer onder de plint kan “werken”. Verwarmingsbuizen kunt u met een rozet of met elastisch voegmiddel afwerken. Ook op plaatsen waar geen plint of profiel geplaatst kan worden kunnen de voegen met voegmiddel worden afgewerkt.


Onderhoud en bescherming
Laminaatvloeren zijn eenvoudig te onderhouden. Vuil en stof kan verwijderd worden met een stofzuiger voor harde vloeren, een zachte bezem of zwabber. Vlekken kunnen verwijderd worden met een vochtige doek, droog de vloer direct daarna. Vermijd dat er water op de vloer komt te staan. Zorg ervoor dat bij de deuropeningen matten liggen en dat stoel- en tafelpoten worden voorzien van vilten vloerbeschermers. Voor stoelen met wieltjes zachte  kunststofwieltjes gebruiken.

Altijd doen
-  Voorkom beschadiging van de vloer. Gebruik matten bij alle deuropeningen om steentjes, zand en water van schoenen te verwijderen. Zand en steentjes moeten direct van de vloer verwijderd worden.
-  Reinig de vloer regelmatig door te vegen met een zachte bezem om zand en steentjes te verwijderen en te wissen met een vochtige vloerwisser. Let op! Wring zo veel mogelijk water uit de wisser, er mag geen water op de vloer komen te staan, en droog de vloer direct daarna.
-  Verwijder water en andere vloeistoffen direct.
-  Zorg dat meubels (stoelen) met wieltjes zachte kunststofwieltjes hebben of plaats ze op een mat.
-  Plaatst viltjes onder beweegbare meubels zoals stoelen, tafels, kasten en bedden.
-  Plaats antislipmatten onder matten en kleden.
-  Plaats een afdruipblad onder apparaten zoals wasmachines en vaatwasmachines, en onder drinkbakken van dieren.
-  Gebruik een vochtige doek voor het verwijderen van vlekken en droog direct daarna.

Nooit doen
-  Leg nooit een laminaatvloer in een ruimte met een hoge luchtvochtigheid, met veel condensatie of waar het waarschijnlijk is dat er water op de vloer komt te staan zoals in bijvoorbeeld in stoomcabines of sauna’s.
-  Maak de vloer nooit schoon met veel water (natte dweil of mop), stoom, olie, was, vernis, chloor, schuursponsjes, staalwol, natte reinigingsapparaten, bijtende middelen of schoonmaakmiddelen met agressieve bestanddelen.
-  Laat nooit vloeistoffen op de vloer staan.
-  Sleep nooit meubelstukken over de vloer.
-  Laat nooit wasgoed direct op de vloer lekken.
-  Laat nooit zware of scherpe objecten of speelgoed vallen op de vloer of slepen over de vloer.